Rationele Emotieve Therapie (RET)

Inleiding
Rationeel Emotieve Therapie (RET) is een vorm van cognitieve gedragstherapie ontwikkeld door Albert Ellis (1913), een psychoanalyticus uit de VS. Ellis gaat uit van de veronderstelling dat het denken (gedachten, vaste overtuigingen, interpretaties etcetera) het gevoel controleert.

Uitgangsprincipe
Het principe van RET komt goed tot uiting in het volgende citaat:
"We maken ons geen zorgen over zaken zelf, maar over onze ideeën daarover. Als we problemen hebben, worden we angstig of boos. Laten we niet anderen daarvan de schuld geven, maar beseffen dat we het onszelf aandoen" (Epictetus, Grieks wijsgeer van ± 50 AD)

Doel
De wijze waarop iemand tegen allerlei zaken aankijkt heeft zich gedurende zijn gehele leven langzaam ontwikkeld. Hij wordt als het ware gevoed met allerlei opvattingen, ideeën, normen, waarden, (voor)oordelen, etcetera. Het is te vergelijken met de berichtgeving over een oorlog in twee verschillende kampen. Er wordt een geheel eigen voorstelling van zaken gemaakt en veel mensen geloven erin. Het gevolg is dat de gedachten daarover bepaalde gevoelens oproepen, die weer een bepaalde handeling tot gevolg hebben. Wanneer gedachten gebaseerd zijn op strikt persoonlijke, onvolledige of zelfs onjuiste opvattingen, dan zullen de gevoelens en handelingen die daarop volgen dikwijls moeilijkheden en problemen veroorzaken.
Het doel van RET is te leren die verkeerde gedachten in te zien en te corrigeren, hetgeen bevrijdend werkt.

ABCDE-model
Ellis gaat uit van het zogenaamde ABCDE-model:
  Activating event - objectieve beschrijving van de gebeurtenis
  Beliefs - irrationele, spanning oproepende gedachte
  Consequence - emotionele gevolgen (gevoelens) van de gedachte
  Discussion - vragen om gedachten onder B aan werkelijkheid te toetsen
  Evaluation - meer rationele gedachten die het gevolg zijn van de toetsing

Voorbeeld
Bijvoorbeeld je 9-jarige zoon raakt tijdens een bezoekje aan de Efteling zijn nieuwe handschoenen kwijt (gebeurtenis A), dit roept een gedachte (B) op (kan hij niet beter op zijn dure spullen letten), deze gedachte leidt tot een gevoel (C - boosheid), hetgeen een handeling tot gevolg heeft (C - de les lezen, schreeuwen, schelden). Het idee is nu dat je zoon jou boos heeft gemaakt en je hele middag heeft verpest. De aanname in dit geval is dat een 9-jarig kind (tijdens een spannende bezoek aan de Efteling) dezelfde interesses in handschoenen heeft als zijn ouders. Als vader of moeder deze aanname, deze gedachte gaat onderzoeken en zich in het kind verplaatst (D), blijkt dat hun idee niet klopt (E).


Veronderstellingen
Een ander kan je geen gevoel geven, een gevoel ontstaat door je eigen gedachten over allerlei zaken. Je raakt niet van streek door een gebeurtenis, maar door de manier waarop je tegen dingen aankijkt, hoe je erover denkt. Verschillende mensen kunnen op een zelfde situatie heel anders reageren doordat ze er heel verschillende gedachten bij hebben. RET daagt je uit om bewuste veronderstellingen (met name diegene die je leven beroerd maken) te onderzoeken. Wat wil dat zeggen? In plaats van te denken dat het altijd zo is (pinguïns zijn nooit te vertrouwen) of dat het nu eenmaal zo hoort (jongens huilen niet), kun je die gedachte ter discussie stellen, er over nadenken en dan die vastgeroeste gedachte misschien wel bijstellen. Het gevolg is dat je leert op heel andere wijze tegen je omgeving en tegen gebeurtenissen aan te kijken, je leert verantwoording te nemen voor je eigen gevoel en niet langer een ander daarvoor verantwoordelijk te houden.

Deze tekst is mijn bewerking van de originele tekst die te vinden is op: http://www.hulpgids.nl